Ommoords Erf, Rotterdam

buroblad
PDF

opdrachtgever

  • Heijmans Vastgoed

planteam

  • Ernst van Rijn
  • Remco Bangma
  • Arie-Jan Bakker
  • Antoin Griffon
  • Kelvin Li
  • Pim van Adrichem

ontwerp

2021/22

in samenwerking met

  • Bureau van Eig
  • Witteveen+Bos
  • MARS Interieurarchitecten
  • Wijnand Galema
  • Goudstikker De Vries
  • WE Adviseurs
  • Goudappel Coffeng

Breng via dit formulier iemand op de hoogte van dit project!

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Hart van Ommoord
De opgave voor de Romeynshof in de Rotterdamse wijk Ommoord heeft een veel bredere betekenis dan het louter ontwikkelen van een aantrekkelijk ensemble van gebouwen en buitenruimten rond het gelijknamige metrostation. De ambitie is niet minder dan een nieuw hart van Ommoord te creëren: het geografisch hart van de wijk, maar bovenal het sociale hart. Op eigentijdse bouwt ons plan voort op het core-concept van Lotte Stam-Beese dat ten grondslag ligt aan de exemplarisch modernistische wijk. Het nieuwe maatschappelijk centrum, met een uitnodigend Huis van de Wijk en een laagdrempelig Gezondheidscentrum krijgt vorm als een ongedwongen ontmoetingsplek voor alle bewoners van de wijk: het Ommoords Erf.
Waar de stedenbouwkundige opzet van Ommoord wordt gekenmerkt door een open structuur met een middelpuntvliedende – naar buiten gerichte – ruimtelijkheid zien we het nieuwe Ommoords Erf juist als een middelpuntzoekende ruimte: een plek waar alle lijnen bij elkaar komen, waar de ruimte als het ware tot rust komt en uitnodigt tot verblijven. We maken een plek met kwaliteiten die in het huidige Ommoord ontbreken: een ontspannen en beschutte groen-stedelijke huiskamer waar iedereen welkom is. Een daadwerkelijk publieke plek als bestemming op zich, waar spontane ontmoeting en interactie tussen bewoners, gebruikers en bezoekers vooropstaan.

Centrale schakel
Door veel meer dan in de huidige situatie de potenties van de locatie als de centrale schakel in de verschillende netwerken van de wijk te benutten ondersteunen we de ambitie van Ommoords Erf om als hart van de wijk te fungeren en versterken we tegelijk ook het ruimtelijk raamwerk van Ommoord als geheel.
De ecologische zone met de nieuwe waterverbinding langs het metrospoor vermengt zich met de nieuwe bebouwing rond het Erf waardoor het maatschappelijk centrum stevig wordt ingebed in de hoofdparkstructuur van Ommoord. De landschappelijk vormgegeven oost-westverbinding fungeert tevens als aantrekkelijke nieuwe route voor fietsers en voetgangers, een logische versterking van de stedenbouwkundige ruggengraat die drie centra van de wijk – Binnenhof, Ommoords Erf en Hesseplaats – met elkaar verbindt.
De bestaande noord-zuidverbinding voor het langzaam verkeer langs het metrostation integreren we in ons plan als de belangrijkste ontsluiting van het Erf. Deze route wordt daarmee opgewaardeerd tot de centrale hartlijn van de wijk die de noordelijke en zuidelijke helft van Ommoord, over het metrospoor heen, met elkaar verbindt. In de toekomst zal deze hartlijn nog aan betekenis winnen, als beoogde recreatieve poort tot het Rottelandschap.
De kruising van de twee routes markeren we met een eigenwijs ‘vogelnest’ op het Huis van de Wijk dat met zijn karakteristieke, herkenbare vorm het Erf van veraf zichtbaar maakt en als baken fungeert in het stadslandschap van Ommoord.

Stadslandschap
De opgave voor de nieuwe Romeynshof wordt door de gemeente omschreven als een ‘trefzekere verdichtingsoperatie’ waarbij bestaande kwaliteiten van Ommoord – licht, lucht en ruimte – samengaan met hedendaagse thema’s als klimaatadaptatie, vergroening, inclusiviteit en een breed begrip van duurzaamheid.
Wij zetten in op een eigentijdse tuinstedelijke typologie, die evenals de bestaande bebouwing – maar dan op een veel meer gedifferentieerde manier – een sterke en integrale samenhang kent tussen landschap, stedenbouw en architectuur. Een genereuze reeks van groenstedelijke buitenruimtes – openbaar, semiopenbaar, collectief en privaat – ontsluit de compacte bebouwing van Ommoords Erf en bedden deze letterlijk in de groene omgeving. Een gestapeld landschap als stadsbiotoop voor mens, dier en plant op meerdere niveaus: van het maaiveld op verschillende hoogtes tot de collectieve daktuinen op de tweede en vierde verdieping en het groene dak dat water opvangt. De verschillende, alternatieve ontsluitingsroutes van de bouwblokken koppelen deze niveaus op vanzelfsprekende en soms onverwachte wijze aan elkaar tot een aantrekkelijke fijnmazige natuurinclusieve topografie die ruimte biedt voor ontmoeting en aanzet tot gezonde beweging.
In aansluiting op het metrostation krijgt het gebied een autoluw karakter, met veel aandacht voor het verblijfsklimaat en sociaal veilige verbindingen voor fietsers en voetgangers. Comfortabele fietsparkeervoorzieningen bevorderen het gebruik van de fiets. De auto’s van bewoners worden uit het zicht opgeborgen in compacte stallingsgarages onder de bebouwing, gebruik makend van de hoogteverschillen in het maaiveld. De ‘Ommoordse stoep’ die de zuidkant van het gebied ontsluit biedt ruimte aan maaiveldparkeren voor bezoekers. Met een flexibel inrichtingsprincipe zetten we hier in op een geleidelijke vergroening, inspelend op de verwachte afname van de parkeervraag.

Samen rond het erf
De voorzieningen van de nieuwe Romeynshof vinden een vanzelfsprekende plaats als evenwichtig koppel rond het Erf, ‘kijkend’ naar elkaar. Als ‘hart van het Hart’ krijgt het alzijdig georiënteerde Huis van de Wijk de meest zichtbare en centrale positie. De grote open ruimte van de bibliotheek fungeert als overdekt huiskamerplein en ontsluit het theater dat zich opent naar de ecozone. Het Gezondheidscentrum bevindt zich aan de luwere oostelijke zijde van het Erf, ingebed in het groen, passend bij de meer rust vragende functie. De vooruitgeschoven voet van het blok bevat de meer actieve functies, zoals de apotheek en de fysiotherapie.
Het voormalige postkantoor vormt zowel de spil van het nieuwe ensemble rond het Erf als een verbinding met de historie van het gebied. In samenspraak met de buurt krijgt dit sympathieke paviljoen met zijn karakteristieke lichthappers een nieuw leven als ‘pleisterplaats’ met een sociale functie die recht doet aan zijn centrale positie op het Erf.

Gedifferentieerd ensemble
Waar het bestaande Ommoord gekarakteriseerd wordt door functiescheiding en industriële repetitie kent het plan een gedifferentieerde menging van de voorzieningen met de bijna 200 woningen in een grote variëteit aan types, groottes en betrokkenheid op elkaar. Ommoords Erf wordt gevormd door een afgewogen ensemble van vier verwante maar verschillende gebouwen.
De open stedenbouwkundige compositie heeft een luchtig en ‘doorwaadbaar’ karakter met een afwisseling van zichtlijnen maar ook met een duidelijk ruimtevormend karakter. Het samenspel van rechte en geknikte blokken is geënt op de bestaande structuur en voegt zich daarin op verrassende en tegelijk vanzelfsprekende wijze.
Daarbij introduceren we een heel nieuwe schaal, de ‘tussenschaal’ tussen stad en woning, die in het huidige Ommoord grotendeels ontbreekt. De tussenschaal komt niet alleen naar voren in de reeks van collectieve ruimtes en de veelzijdige manier waarop we de gebouwen ontsluiten maar ook in het geborgen en actieve karakter van de openbare ruimte, met zorgvuldige aandacht voor wat er op ooghoogte gebeurt en een levendige wisselwerking met de gebouwen. De gelaagde klassiek-stedelijke opbouw van de bouwblokken met terugliggende daklagen en uitnodigende plinten benadrukken de menselijke maat van de bebouwing.

In bewust contrast met de omringende sterk horizontaal gelede, modernistische ‘schijven’ kennen de nieuwe gebouwen een alzijdig karakter en een nadrukkelijk verticale geleding en ritmering. De gevelopbouw wordt gekenmerkt door een weefselstructuur: horizontale betonbanden vervlechten met verticale penanten van baksteen. De dakopbouwen en de terugliggende (galerij) gevels vormen een tweede laag met een zachtere en meer natuurlijke uitstraling, uitgevoerd in hout.
De knik is kenmerkend voor Ommoord. De knik omarmt en geeft richting. In het Ommoords erf komt de knik op allerlei schaalniveaus terug: van de massa van de blokken en de vorm van het vogelnest tot de verweving van de balkons, de detaillering van het metselwerk en de huisnummering. Deze knik geeft het plan eigenheid en karakter; het sluit enerzijds aan op oude Ommoord maar geeft tegelijkertijd richting aan het nieuwe Ommoord.
Naast het behoud van het bestaande postkantoor dragen ook het duurzame hergebruik van de karakteristieke houten spanten bij het Huis van de Wijk en de geknikte betonnen gevelpenanten van het Gezondheidscentrum bij aan de herkenbare continuïteit van oud en nieuw.
De samenwerking van twee architecten met ieder een eigen handschrift – BVE en wUrck – zorgt voor een verdere verfijning en differentiatie binnen het geheel. Op deze manier ontstaat een ensemble met een sterke en onverwisselbare identiteit die recht doet aan de stedelijke betekenis van de plek.