Meerrijk: de rots die alle stormen heeft doorstaan
datum
ga naar project:
Objecten, gebouwen, straten. We vinden het vaak vanzelfsprekend dat ze er zijn. Voordat iets er is, is er echter een heel project aan vooraf gegaan. Een project van en voor mensen. In deze rubriek gaan we op zoek naar het verhaal achter het project. Welke overwegingen zijn er gemaakt? Wat maakt het werk los? In deze aflevering: Meerrijk in Eindhoven.
Een oranjerode rots herrijst in het Eindhovense parklandschap. Het had niet veel gescheeld of het was een halve monoliet geweest. De financiële crisis zorgde meerdere keren voor een bijsturing van de plannen voor de nieuwe wijk, maar nu – bijna een kwart eeuw later – is Meerrijk dan toch af. Ondanks alles is er altijd vastgehouden aan het concept. ,,Als je Ayers Rock wilt neerzetten, kun je niet plots een andere weg inslaan,” blikt Jos de Graef van de gemeente Eindhoven terug.
Meerrijk staat als een autonome sculptuur in het park Meerland. Met 700 woningen, een compact centrum met alle voorzieningen en ondergronds parkeren. De prijsvraag vanuit de gemeente vroeg om een onderscheidend plan, volgens Han Fijen van FiMek estate. Toentertijd was hij projectmanager bij William Properties, de eerste projectontwikkelaar die betrokken was bij Meerrijk. ,,We wilden een icoon in het landschap neerzetten. wUrck kwam met het idee van Ayers Rock. Een oranje rots als lichtend baken in de zee van Vinex woningen.” De tender werd gewonnen in 2001, waarna wUrck-partners Ernst van Rijn en Oriol Casas Cancer aan de slag gingen met het Masterplan Meerrijk.
Na het realiseren van het beeldkwaliteitplan en het bestemmingsplan gingen maar liefst vier architectenbureaus aan het werk om Meerrijk vorm te geven. Naast wUrck waren dat de Zwarte Hond, Diederen Dirrix en Bedaux de Brouwer. Ieder verantwoordelijk voor een bouwblok. Het project was simpelweg te groot voor één partij. ,,Soms leek het net een Poolse landdag,” zegt Fijen lachend. ,,Die eerste fase was een bijzondere tijd met het creatieve proces, waarbij alle architecten samenwerkten.” Van Rijn: ,,We startten met een maquette en globale plattegronden, waarna we de gevels vormgaven en de materialen kozen. De grote vraag was: hoe zorgen we ervoor dat we niet vier totaal verschillende plannen krijgen, maar dat er samenhang ontstaat tussen de ontwerpen? Strakke vormgevingsregels opstellen was een optie, maar consequent omgaan met kleur en materiaal werkt in zo’n geval het beste. Daarbinnen kun je dan variëren. De oranje baksteen is de basis, maar als je dichterbij kijkt zie je nuances en verschillen.”

Foto: Aiste Rakauskaite
Werken met één inspiratiebeeld
Het beeld van Ayers Rock leende zich daar goed voor, volgens architect en stedenbouwkundige Jean-Paul Kerstens van Maak<architectuur. Aangetrokken door het spannende ontwerp was Kerstens nagenoeg vanaf het begin voorzitter van het kwaliteitsteam. ,,Het is ongebruikelijk om met één enkel sterk beeld te werken. Meestal putten architecten uit meerdere inspiratiebeelden en kan het ontwerp verschillende kanten op. Maar hier werkte het heel goed: de iconische rots in Australië is opgebouwd uit gegroefde lagen wat direct kon worden vertaald in de architectuur, door horizontaal of verticaal gelaagdheid in de metselwerk gevels aan te brengen. Zo krijg je dieptewerking en een afwisselend beeld.” wUrck koos voor blok A bijvoorbeeld voor een verticaal patroon van gevelgroeven, terwijl het naastgelegen project van Bedaux de Brouwer juist heel horizontaal is geleed. Van Rijn: ,,Dat geeft een heel ander karakter aan de blokken, ondanks dat beiden zijn gebouwd met dezelfde steen.”
Wie door Meerrijk wandelt, bekruipt mogelijk het gevoel van; wat mis ik hier, maar mist eigenlijk ook weer niet? Het antwoord: traditionele stoepen met een band en een goot. Dat paste simpelweg niet in deze openbare ruimte, legt Jos de Graef van de gemeente Eindhoven uit. ,,De rots heeft een eigen interieur gekregen dat afwijkt van de standaard. Met vier kleuren is er een geologisch patroon gevormd. Deze volgt niet de bebouwing, maar kent een eigen dynamiek. Alles loopt door. Dat versterkt de beleving dat je je op een rots bevindt.” De Graef – zelf ook stedenbouwer – kwam in 2003 bij de gemeente werken en werd meteen betrokken bij Meerrijk. Als lid van het kwaliteitsteam bewaakte hij het concept en zorgde ervoor dat zaken werden vlot getrokken met architecten en ontwikkelaars, wanneer dat nodig was.

Foto: Aiste Rakauskaite
Tijdens dit langlopende project bleek dat meerdere malen het geval. Na de lange aanloop van de planvorming was er in 2007 gestart met het realiseren van de blokken A en B en het herbestemmen van de hangar van de voormalige vliegbasis Welschap. Totdat in 2008 de financiële crisis uitbrak. Als onderdeel van de crisis- en herstelwet kwamen er subsidies om de voorzieningen af te maken. Een grote woonwijk zonder voorzieningen was immers niet wenselijk. Zo werden de winkels, de scholen en het medisch centrum gebouwd. Blok A werd opgeleverd in 2011, maar ook maar deels. De Graef: ,,Er was een tijdelijke afronding met een dijk gecreëerd, maar je keek nog steeds zo de ondergrondse parkeergarage in. De vrees was: kunnen we Meerrijk ooit nog afmaken?”
Een deel van de geplande woningen werd geannuleerd. Het was een vreemde gewaarwording, volgens Van Rijn. ,,Normaliter willen projectontwikkelaars het liefste zoveel mogelijk woningen bouwen, maar nu was de vraag: hoe kunnen we ongeveer hetzelfde plan maken maar dan met zo min mogelijk woningen?” De Graef: ,,Maar we sorteerden wel voor op de toekomst en bedachten hoe we het zouden aanpakken als de markt weer zou aantrekken. wUrck heeft daarin een grote rol gespeeld.”
Wachten op betere tijden
De voorzieningen waren in 2013 af. Er was voldaan aan de eisen van de subsidie en toen was het wachten op betere tijden. Dat duurde zo’n vier jaar. Inmiddels was de projectontwikkeling voor de tweede keer overgegaan naar een andere partij. Uiteindelijk kwamen de ontwikkelrechten in handen van Ten Brinke Bouw & Ontwikkeling. ,,Toen we erin stapten lag het er overduidelijk onafgemaakt bij. Vooral als je vanuit het park de parkeergarage in keek,” blikt commercieel directeur Johan Hofmans terug. ,,Het was een complex project met een lange geschiedenis. Voor ons als Ten Brinke was het best risicovol, want wat als we het niet rond zouden krijgen? Maar we hadden vertrouwen in Eindhoven als stad en met wUrck hadden we een partner aan onze zijde die een goed overzicht had, de risico’s in zag, maar vooral ook de kansen.”
En die kansen kwamen er, want het tij keerde. De markt trok dermate aan dat de opgave weer werd bijgesteld naar: hoe kunnen we in het resterende volume dat nog mag worden gebouwd, zoveel mogelijk huizen creëren? Ten Brinke borduurde voort op de bestaande plannen. Hofmans: ,,We konden ook weinig meer veranderen. De vergunningen voor onder andere de toren van blok B waren al rond. Het winkelcentrum stond al en veertig procent van de woningen was af. Bovendien was het beeldkwaliteitplan zeer bepalend. De fases na de crisis hebben we vooral met wUrck opgepakt. Zij hebben bouwdeel C3 ontworpen en vervolgens ook blok C afgemaakt. Ook het vormgeven van de openbare ruimte – met onder andere het Waterplein – kwam uiteindelijk op het bord van wUrck. Met hun kundigheid, onze bouwmethodiek en wetende wat de markt op dat moment wilde, hebben we aan de zuidkant een mooie afronding van Meerrijk gerealiseerd.” De recent opgeleverde ‘staart’ van blok D – van Bedaux de Brouwer – vormde het finale sluitstuk van de rots.

Foto: Frank Hanswijk
Hoewel het overkoepelende plan nooit wezenlijk is veranderd, is er wel veel meer aandacht voor groen gekomen, volgens Van Rijn. Dat toont zich niet alleen in de straatprofielen, waar het frisse groen aangenaam contrasteert met de oranje gevelwanden, maar ook in de overgang naar het omringende park. Zo beschikken de waterwoningen van blok A over louter een vlonder, terwijl er in blok C een zachtere, groene overgang naar het water toe is gecreëerd. ,,Bij de start van Meerrijk was er weinig interesse in groen. Tegenwoordig kan het niet groen genoeg zijn. Daarom is het tweede deel veel minder stenig.” En ook aan het eerste deel wordt nog gewerkt. De Graef: ,,We bekijken hoe we hier meer groen in kunnen brengen. Dat verfijnt de gelaagdheid van de rots en brengt meer verzachting en beweging in het beeld.”
De breuk in tijd is onzichtbaar
Ondanks dat project Meerrijk wordt gekenmerkt door een eerste fase voor en een tweede fase na de financiële crisis, is het uiteindelijke resultaat samenhangend volgens alle partijen. ,,Aan het begin hebben we niet beseft dat het wel heel spannend is om één grote vorm te ontwerpen. Dat zorgde ervoor dat het eigenlijk in één keer afgemaakt had moeten worden,” aldus Kerstens. ,,Om de zoveel tijd is er immers wel een financiële of politieke crisis. Wat was er gebeurd als Meerrijk niet was afgemaakt?! Maar dat blijft gissen, want Meerrijk is wel af. Je ziet geen breuk tussen de delen voor en na de crisis.”
,,Eigenlijk is het heel mooi dat de lange ontwikkelhistorie een subtiele extra laag aan het plan heeft toegevoegd. Maar het was een drama geweest als we halverwege de realisatie waren overgestapt op een ander principe,” zegt Van Rijn. ,,Het vasthouden aan kwaliteit bewijst zich gelukkig.” Bij die woorden sluit Jos de Graef zich aan: ,,Gaan voor kwaliteit, bijzonder en niet alledaags. Dat was de visie bij Meerrijk. Vooral de goede samenwerkingen liggen ten grondslag aan het succes van deze wijk. Mensen die samen de schouders eronder zetten, ook als het even tegenzit.”